|
Wetenschappers verdeeld over bijdrage aan evolutie-debat
Peter Scheele kiest voor aanval
| door Marc Janssens
EINDHOVEN - De wedstrijd die hij met Charles Darwin
is aangegaan, zal Peter Scheele gemakkelijk winnen. In 1859
waren van diens boek The Origin of Species
alle 1250 exemplaren al op de dag van
verschijning uitverkocht. Scheele zal dit record ruimschoots
overtreffen, maar of zijn theorie op evenveel aanhang mag
rekenen, valt nog te bezien.
Degeneratie, het einde van de evolutietheorie verschijnt
evenals Darwins boek op 24 november. De 'degeneratie-theorie'
komt erop neer dat het sinds de schepping in genetisch opzicht
bergafwaarts is gegaan. Natuurlijke variatie is dan ook geen
bewijs voor evolutie maar voor achteruitgang, aldus Scheele.
Hiermee wil hij een theorie leveren die beter aansluit bij
het christelijk geloof. Zo kon Kaïn bij zijn zus kinderen
verwekken, omdat de eerste mensen genetisch volmaakt waren.
En om dezelfde reden kon de mens direct na de schepping honderden
jaren oud worden.
Inmiddels is Scheele op diverse fronten het debat aangegaan.
Op internet woedt al een tijdje een discussie tussen voor-
en tegenstanders van beide theorieën, maar ook in vakbladen
en universiteiten schuwt Scheele zijn tegenstanders niet.
Sander Voor-
|
molen, bioloog en redacteur bij bionieuws,
heeft de degens al gekruist maar ziet weinig in Scheeles ideeën.
"Degeneratie is een proces dat al heel lang bekend is als
onderdeel van de evolutie. Scheele verkondigt dan ook niets
nieuws.1. Hij heeft
een aantal zaken uit de biologie bijeenge- sprokkeld en vervolgens
in een ander licht geplaatst, zonder wetenschappelijke onderbouwing.2.
Er zijn genoeg wetenschappelijke bewijzen dat er wel soortvorming
heeft plaatsgevonden.3.
Barrière weg
Christelijke wetenschappers zijn verdeeld in hun reacties.
Geoloog H. Wiegers juicht Scheeles poging om de evolutietheorie
met een wetenschappelijk alternatief te bestrijden toe. "Dat
hebben de gereformeerden veel te weinig gedaan. We kwamen
altijd direct met het Woord. Als je de evolutietheorie met
wetenschappelijke argumenten bestrijdt, neem je voor veel
mensen een barrière om te geloven weg."
De degeneratie-theorie, of een variant daarop, is Wiegers
ook al bij christelijke wetenschappers in Duitsland tegengekomen.
Daardoor voelde hij zich bijzonder aangesproken. "Degeneratie
sluit aan bij het geloof in de zondeval, maar is ook in de
wereklijkheid waarneembaar. Fossielen zijn bijvoorbeeld een
teken van afbraak."
|
De bioloog-geoloog T. Zoutewelle
is echter aanzienlijk minder enthousiast. Vooral de promotie-campagne,
die met nogal wat tamtam gepaard gaat, doet het creationisme
geen goed, meent Zoutewelle. Het creationisme is veel meer gebaat
bij gedegen wetenschappelijk onderzoek dan bij een uitdaging
van evolutionist Midas Dekkers of een wedstrijd met Charles
Darwin. Dit wetenschappelijk onderzoek ontbreekt bij Scheele
die zijn theorie enkel op literatuurstudie baseert.4.
Bovendien zweeft het boek tussen een populair wetenschappelijke
verhandeling en een wetenschappelijk handboek, aldus Zoutewelle.
Ook tegen de theorie zelf heeft Zoutewelle bezwaren. Dat er
sprake is van degeneratie in de natuur, was al langer bekend.
Dit is echter slechts een deel van het verhaal, want naast de
genetica beschrijft de paleontologie de documentatie van de
historie van het leven, aldus Zoutewelle. Bovendien verhindert
Scheeles positie als leek dat hij in de wetenschappelijke wereld
met gezag kan spreken. Als publicist kan hij best de aandacht
vragen, maar hij mag geen wetenschappelijke autoriteit claimen,
want dan wordt hij niet meer serieus genomen.
Dit laatste blijkt uit de reactie van J.W.M. Osse, hoogleraar
diermorfologie in Wageningen, die in
|
een publiek debat met Scheele gediscussieerd
heeft. Hij typeert de werkwijze van Scheele als 'uiterst pretentieus'.
"Het is niet zo dat de evolutie-theorie als geheel niet
ter discussie staat. Ze wordt voortdurend becommentarieerd en
van kanttekeningen voorzien."5.
Ook hij erkent dat er soms sprake is van degeneratie, maar niet
alle verandering valt daaronder. "Soms is een mutatie vooruitgang
en soms achteruitgang."6.
Ook tegen de gedachte dat de degeneratie-theorie beter aansluit
bij het christelijke geloof, verzet Osse zich krachtig. "Het
is eerder anti-religieus dan religieus. God wordt naar beneden
gehaald en gemaakt tot handige knutselaar van DNA's."7.
Of hij het boek helemaal zal lezen, waagt Osse te betwijfelen.
"Ik heb grote twijfels en wil eerst een goede recensie
onder ogen krijgen. Er zijn zoveel boeken die ik nog moet lezen."
Als Scheele door de verschillende wetenschappers niet serieus
genomen wordt, is dat volgens Wiegers echter niet aan hemzelf
te wijten. "Dan ligt dat aan de wetenschappers die hem
niet toelaten in de ivoren toren van de wetenschap. Ze voelen
zich aangevallen door iemand van buitenaf die de zwakheden van
algemene wetenschappelijke theorieën aantoont."
Argumenten
Peter Scheele zelf laat zich door alle kritiek niet van de
wijs brengen. Dat
|
hij voor een groots opgezette promotiecampagne
heeft gekozen, komt omdat hij eigenlijk geen andere keus had.
"Ik ben geen bioloog en kan dus geen artikel naar een wetenschappelijk
tijdschrift sturen. Daarom heb ik maar op de mij gebruikelijke
wijze de aandacht getrokken." Toch hoopt Scheele dat hij
niet op zijn persoon maar op zijn argumenten beoordeeld wordt;
hij bestrijdt dat hij geen verstand van zaken heeft. "Mensen
kennen me als die jongen van de televisie maar weten niet waar
ik me verder in verdiep. Al vanaf mijn twaalfde houd ik me met
de evolutie-theorie bezig."
Dat hij met niets nieuws komt, ontkent Scheele. "natuurlijk
hebben ook anderen op degeneratie gewezen, maar ik heb het
in een omvattende theorie uitgewerkt." Scheele heeft
zijn boek bewust geschreven voor wetenschappers en geïnteresseerde
leken. "De kracht van de evolutie-theorie is dat het
tot de verbeelding spreekt en eenvoudig valt uit te leggen.
Dat geldt ook voor mijn theorie. Tegelijk heb ik het wel met
wetenschappelijke argumenten willen omkleden."
Op 24 november vindt de officiële overhandiging van het boek
plaats. Kritiek op zijn ludieke acties of niet, Scheele gaat
gewoon door. "Het boek zal aan Midas Dekkers worden overhandigd,
of hij nu aanwezig is of niet."
|
Commentaar:
1. Punt is
dat het juist de voorbeelden van degeneratie zijn (rudimentaire
organen, sikkelcel-anemie, parthogene hagedissen, niet-vliegende
aalscholver) die als bewijzen van evolutie gebruikt worden.
Vanaf 24 november 1997 kan dat dus niet meer! Sterker nog: er zijn
helemaal geen voorbeelden van macro-evolutie in de levende natuur
te vinden. Degeneratie is geen onderdeel van evolutie.
Evolutie is degeneratie (voorzover het niet gewoon het
ontstaan van nieuwe variatie is door het mechanisme van de natuurlijke
variatie -dat is o.a. de recombinatie- wat noch met macro-evolutie,
noch met degeneratie iets te maken heeft).
2. Dan heb je m'n boek
gewoon nog niet goed gelezen Sander.
3. Dat is het punt van
de discussie helemaal niet! In hoofdstuk 14 beschrijf ik wat Typologische
differentiatie is. Dat houdt (naar onze maatstaven) soortvorming
in, maar is in geen enkel opzicht een bewijs voor macro-evolutie.
Dat hoofdstuk is nog niet gepubliceerd op het internet en kán Sander
dus helemaal niet eens gelezen hebben.
4. Dat gebeurt
wel meer. Er zijn zogeheten computational biologist, die geen experimenteel
werk meer doen, maar sequenties downloaden van servers en er software
op los laten. De gegevens publiceren zij vervolgens.
5. Maar o wee als iemand
niet alleen maar over een onderdeeltje wil stoeien, maar het Grote
Verhaal niet langer accepteert.
6. Dat
is nou precies zo'n evolutionistische babylonische spraakverwarring-opmerking
waar ik in m'n boek op inga. In het kort: zelfs een beschadiging
of uitschakeling op genen-nivo kan een voordeel zijn op overlevens-nivo.
In een vergelijking: als je de rem uit een auto sloopt ga je er
harder de berg mee af en haal je misschien eerder de (voortplantings)finish.
Toch kunnen dergelijke voorbeelden dan niet gebruikt worden om er
macro-evolutie, of de veronderstelde ontwikkeling van eencelligen
tot de mens, mee aan te tonen.
7. ??? Begrijp
ik niet. Is hij alleen maar God als hij Ver Verheven Boven De Natuurlijke
Werkelijkheid Zonder Enige Inbreng toekijkt hoe het allemaal mis
gaat in deze wereld? Bovendien zou dat argument opgaan als je zegt
dat God de evolutie leidt. Dán knutselt hij voortdurend
aan het DNA, waarbij het regelmatig ernstig misgaat (degeneratie).
Het argument gaat niet op als je zegt, zoals ik, dat het leven begonnen
is met één enkelvoudige creatie-gebeurtenis, waarna het leven vervolgens
zijn loop vindt volgens redelijk vaste natuurlijke processen. God
is daarbij geen knutselaar, maar een programmeur
van het DNA, waarna er, geheel in overeenstemming met de ons bekende
natuurwetten, langzaam maar zeker verval optreedt in de loop van
de tijd.
|