| KOEIEN GAAN MET
hun tijd mee. Elke modeme koe heett een eigen computertje om
te weten of zij wel genoeg eet en genoeg melk geeft. Dat helpt:
de productie schiet omhoog. Goed voorbeeld doet goed volgen.
Veel mensen hebben zichzelf van een computer voorzien. Daarmee
voeden ze zich vanuit hun Internet. Als een elektrische kudde
grazen jongens de websites af op zoek naar informatie. Daar
is het ze om te doen, zeggen ze. Smoesjes. Als ze om informatie
verlegen zaten, was ik die managertypes veel vaker in de bibliotheek
tegengekomen. Als ze daar al eens komen, is het om een Ludium
of om een bundeltje van een of andere bioloog voor om bij in
slaap te vatten. Wie wil er nu een computer vol informatie?
De wereld barst al van de feiten. Tien miljoen diersoorten en
honderdduizenden planten, elk met hun duizenden eigenaardigheden,
me dunkt informatie zat. Liever hebben mensen een raamwerk om
alle gegevens net jes in op te bergen. Kastjes, die kopen de
mensen bij Ikea; de rotzooi om erin te zetten hebben ze al.
Dieren en planten staan in een antieke pronkkast: de evolutieleer
van Charles Darwin. Elk dier, elke plant, hoe gek ook, blijkt
een verwant van ons die netjes kan worden opgeborgen in het
familiealbum, ooms bij ooms, tantes bij tantes, de koude kant
netjes gescheiden van de warme. Deze rust is verstoord. Door
EO's Peter Scheele. Op Intemet. Er zou geen evolutie zijn, alleen
maar degeneratie. Daar is een boek van, nu nog alleen elektronisch,
binnenkort ook veilig op papier Ik hou wel van zulke dwarse
gedachten. Dat de aarde eigenlijk een pannenkoek is, stond me
als kind al aan. Helaas heeft niemand daar nog het bewijs voor
geleverd en ook op de degeneratietheorie is veel af te dingen.
|
Eerlijk gezegd kan ik er geen touw
aan vastknopen. Sommige hoofdstukken doen het meest denken aan
een ijlende geneticus die zich nog slechts flarden van zijn
wenteltrappen en blauwdrukken weet te herinneren. Het komt er
op neer dat aminozuren te dom zijn om zonder hulp van een schepper
zich aaneen te rijgen tot elwltten die zo slim zijn om ons aan
de gang te houden. Peter Scheele kan zich niet voor stellen
hoe al de radertjes van al de genen, DNA, enzymen en chromosomen
het mechanlsme van de evolutie aan de praat kunnen houden. Hij
doet me denken aan een monteur die bewijst dat een auto niet
kan rijden. Ik kan daar goed in meekomen: als ik al die bouten,
assen, poelies en nippeltjes onder de motorkap zie, geloof ik
iedereen die zegt dat zoiets onmogelijk kan werken. Tot ik dle
auto weg zie rijden. Zo zijn er wel meer mechanismen die zich
er niets van aantrekken dat ik ze niet doorgrond, Internet bijvoorbeeld.
Of de evolutie. Voortdurend stuiten biologen in de evolutieleer
op details die niet lijken te kloppen, maar dat geeft niet.
De opgave is niet om te bewijzen dat het werkt - daar is afdoende
fossiel bewijsmateriaal voor - maar hoe. Dat de hele santenkraam
uit een enkele cel is geevolueerd, staat als een paal boven
water. Hierbij is overigens best weleens degeneratie opgetreden.
Bij huisdieren is het zelfs schering en inslag. Elk ras dat
wij telen, is een aanfluiting van de moedersoort. Een varken
is een demente karikatuur van een zwijn, een hond is een demente
wolf. Koeien hebben een kwart minder hersenen dan de oeros.
Maar daar is met elektrische hersenen wel iets aan te doen.
Niemand heeft een computer harder nodig dan een domoor. |